| Mensen laten gemakkelijk
nestjes komen, weten er vervolgens geen raad mee en dumpen
de dieren. Deze dieren verwilderen, zijn schuw voor mensen
en vermenigvuldigen zich ontzettend snel. Ze leven op plekken
waar voedsel te vinden is, zoals woonwijken, campings, restaurants
of industrieterreinen. Samen met andere zwerfkatten vormen
ze al snel een groeiende groep. Zo’n groep kan veel
overlast veroorzaken door gekrijs, gejank, stank of het openscheuren
van vuilniszakken. Voor de katten zelf is het ook geen prettig
bestaan. Als zwerver lijden ze aan ziektes, honger en kou,
en worden overal weggejaagd.
Het wegvangen of doden van de katten wordt vaak gezien als
de “enige oplossing”. De Dierenbescherming is
het daar absoluut niet mee eens. Dit wegvangen is niet alleen
zinloos en dieronvriendelijk, het is ook niet haalbaar. Dit
komt door het biologische principe dat opengevallen leefgebieden
onmiddellijk door andere katten worden opgevuld. Zo’n
plek is immers zeer aantrekkelijk voor katten! Je schiet er
dus niks mee op, de problemen zouden zich herhalen. Bovendien
kun je een weggevangen zwerfkat niet meer laten wennen aan
een situatie bij mensen in huis, daarvoor zijn ze te zeer
verwilderd.
Onze oplossing
Preventie
Natuurlijk erkent ook de Dierenbescherming dat er iets aan
het zwerfkattenprobleem moet gebeuren. Dat doen we dan ook.
In de eerste plaats doen wij aan preventie door het geven
van voorlichting aan kattenbezitters om vooral hun kat te
laten steriliseren. Want voorkomen is beter dan genezen! Ook
ondersteunt de Dierenbescherming de asielen die zich bezighouden
met de opvang van zwerfdieren.
Vangen -“helpen”- terug
De zwerfkattenpopulatie pakken we aan door de dieren te
vangen met speciale vangkooien. Dat gebeurt met gerichte acties,
waarbij zo veel mogelijk katten in één keer
gevangen worden. Samenwerking met buurtbewoners is daarbij
onontbeerlijk. Zo vragen wij hen de dieren in deze periode
niet te voeren en hun eigen kat binnen te houden of in elk
geval ter onderscheiding een halsbandje om te doen. De gevangen
dieren worden gecastreerd of gesteriliseerd en vervolgens
op dezelfde plek teruggezet. Dit terugzetten stuit op veel
onbegrip, omdat veel mensen verwachten dat we hiermee opnieuw
problemen oproepen. Dit is echter niet het geval. Eenmaal
terug in zijn groep is een gecastreerde kat veel rustiger.
De paringsdrang, inclusief het krijsen, vechten en sproeien,
is sterk verminderd. U zult er als omwonende dus veel minder
last van hebben. Ook groeit de populatie niet meer doordat
de dieren onvruchtbaar zijn gemaakt en nieuwe katten niet
meer worden geaccepteerd. Uiteindelijk, zo leert de ervaring,
wordt de groep steeds kleiner en zal uiteindelijk door natuurlijk
verloop uitsterven. Zowel voor mens als dier is dit dus de
beste oplossing.
Wat kunt u doen?
Meld zwerfkatten bij de Dierenbescherming
Neem contact op met de plaatselijke Dierenbescherming als
u last heeft van zwerfkatten en overleg over een goede oplossing.
Let wel, de Dierenbescherming kan het probleem niet alleen
oplossen. Uw betrokkenheid, die van andere buurtbewoners en
die van de gemeente, is een voorwaarde voor een goed resultaat.
Laat uw eigen kat ook “helpen”!
Willen we het probleem echt goed aanpakken, dan moeten vooral
ook huiskatten onvruchtbaar worden gemaakt. Dit bespaart uw
kat en uzelf een hoop ongemak. Geen gejank en gesproei van
krolse katers. En geen kans meer op twee nesten jonge katjes
per jaar. Er zijn al genoeg (zwerf)katten op deze wereld waar
geen huis voor kan worden gevonden!
Chip en registreer uw kat
Door uw kat te chippen en te registreren is de kans aanzienlijk
groter dat de dierenambulance, het asiel of de Dierenbescherming
uw kat weer kan terugvinden als deze zou weglopen. De kans
dat uw kat voor een zwerfkat wordt aangezien, wordt daardoor
aanzienlijk minder.
PERSBERICHT
(3 november 2004)
Dierenbescherming 3B-Hoek schenkt 10.000 euro aan
Rotterdamse zwerfkatten. Lees
meer...
Terug
(terug naar boven) |